Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/316
Vermogensrecht. Erfrecht. Berekening legitieme portie (art. 4:67 BW); gift; samenstel van rechtshandelingen.
HR 21-02-2025, ECLI:NL:HR:2025:316
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 februari 2025
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma, K. Teuben
- Zaaknummer
23/04354
- Conclusie
plv. P-G mr. M.H. Wissink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Erfrecht / Testamenten
Erfrecht / Algemeen
Erfrecht / Gevolgen erfopvolging
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:316, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑02‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1326, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 06‑12‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑12‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑11‑2023
- Wetingang
Essentie
Vermogensrecht. Erfrecht. Berekening legitieme portie (art. 4:67 BW); gift; samenstel van rechtshandelingen.
Samenvatting
Een gift kan besloten liggen in een samenstel van rechtshandelingen (vgl. HR 19 maart 1982, NJ 1983/250, m.nt. W.M. Kleijn). De dochter heeft in hoger beroep aangevoerd dat de gift is gelegen in het samenstel van rechtshandelingen van de verkoop van de woning door erflaatster aan de zoon tegen een te lage prijs, de omzetting van de koopprijs in een lening zonder rente en zonder aflossing en vervolgens de zogenaamde verrekening tegen niet-bestaande schulden. Bij deze ‘verrekening’ ging het volgens ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.