Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/8.11.3:8.11.3 Het benoemen van alternatieve uitkomsten van de handelwijze van de rechtspersoon
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/8.11.3
8.11.3 Het benoemen van alternatieve uitkomsten van de handelwijze van de rechtspersoon
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS459075:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een methode om de voorspelbaarheid en de onvermijdelijkheid van de uitkomst te reduceren kan het bedenken zijn van alternatieve uitkomsten van de handelwijze van de rechtspersoon die in de procedure centraal staat. Stel dat de situatie afliep met uitkomst A, bedenk dan of in dezelfde reeks van gebeurtenissen de alternatieve uitkomst B ook had kunnen gebeuren. Dit is typisch iets dat de advocaten van de verweerders zouden kunnen aandragen. De onderzoekers kunnen dan beoordelen of uitkomst B niet ook een mogelijke uitkomst van het handelen had kunnen zijn en wat ex ante de waarschijnlijkheid van die uitkomst was. Daarbij kunnen de onderzoekers de in de vorige stap onderzochte feitelijke situatie en de context betrekken. Door na te denken over alternatieve uitkomsten kunnen er ook verbanden worden gelegd met andere oorzaken en gevolgen, waardoor de kans op hindsight bias afneemt.
Een andere manier is het benoemen van voor- en tegenargumenten waarom een bepaalde beslissing de juiste zou zijn. Welke aanwijzingen konden wijzen op de uiteindelijke, ongunstige afloop? En welke aanwijzingen spraken deze ongunstige afloop juist tegen? Ook hier is het weer belangrijk de feitelijke situatie en de context ten tijde van de beslissing in aanmerking te nemen. Het gaat er niet om met de in het onderzoek geconstrueerde perfecte kennis van de situatie de aanwijzingen voor en tegen de beslissing te evalueren, maar om vast te stellen wat met de kennis van toen de aanwijzingen voor en tegen de ongunstige afloop waren.1
Door op deze wijze te werk te gaan kunnen de onderzoekers beredeneerd vaststellen of er wel een causaal verband, en niet alleen een toevallige correlatie, is tussen de beslissingen voorafgaande aan de afloop en de uiteindelijke afloop. Dat verband is namelijk in complexe en dynamische situaties vaak niet zo sterk als het lijkt. In complexe situaties spelen verschillende actoren en factoren een rol en heeft de interactie daartussen de uitkomst tot gevolg. Simpele lineaire oorzaak-gevolgrelaties bestaan in zulke gevallen niet.2