Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/654
Verbintenissenrecht. Verwijzing naar schadestaatprocedure; verweren tegen in hoofdzaak vastgestelde grondslag vergoedingsverplichting.
HR 16-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:756
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 mei 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.E. du Perron, K. Teuben
- Zaaknummer
24/01588
- Conclusie
A-G mr. S.D. Lindenbergh
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Hoger beroep
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:756, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1394, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20‑12‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 22‑04‑2024
- Wetingang
Art. 612 Rv
Essentie
Verbintenissenrecht. Verwijzing naar schadestaatprocedure; verweren tegen in hoofdzaak vastgestelde grondslag vergoedingsverplichting.
Samenvatting
Het hof heeft ten onrechte niet kenbaar onderzocht of de verweren die AACB ontleent aan de bedingen in de Master Clearing Agreements, de in de hoofdzaak vastgestelde grondslag van de vergoedingsverplichting ter discussie stellen en om die reden niet thuishoren in de schadestaatprocedure (HR 16 mei 2008, NJ 2008/285).
Partij(en)
ABN AMRO Clearing N.V., te Amsterdam, eiseres tot cassatie, hierna: AACB, adv.: mr. F.E. Vermeulen,
tegen
- 1.
KIC S.A.R.L. (voorheen Kirchberg Trading S.A.R.L.), te Luxemburg, Luxemburg, hierna: KIC,
- 2.
SFF Trading Switzerland AG, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.