Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/10.3.2
10.3.2 Antwoord geven op de in de onderzoeksopdracht besloten vragen
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS453015:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie hoofdstuk 2.
Zie § 2.1.5 en § 7.4.2.1.
Zie § 2.9. De raadsheer-commissaris kan de onderzoeksopdracht mijns inziens wel verduidelijken, maar niet aanpassen. Dat laatste is voorbehouden aan de Ondernemingskamer: zie § 9.4.4.3.
De Ondernemingskamer is in de tweedefaseprocedure gebonden aan het verzoek tot het treffen van wanbeleid en voorzieningen. Zie § 1.4.3. Ik leid hieruit af dat de Ondernemingskamer niet zonder dat dit uitdrukkelijk is verzocht, mag vaststellen wie voor het door haar geconstateerde wanbeleid verantwoordelijk is.
Zie § 7.4.2.1.
In elke enquête is er sprake van een onderzoeksopdracht.1 De door de Ondernemingskamer geformuleerde onderzoeksopdracht is soms concreet, maar laat de onderzoekers vaak ook ruimte om hieraan een eigen invulling te geven. Ongeacht of de onderzoeksopdracht ruim of concreet is, zijn de onderzoekers aan de onderzoeksopdracht gebonden.2 Als de onderzoekers menen dat de onderzoeksopdracht aangepast of verduidelijkt moet worden, moeten zij de Ondernemingskamer of de raadsheer- commissaris vragen dat te doen.3 Zij kunnen niet op eigen houtje de onderzoeksopdracht aanpassen of wijzigen.
Het verslag is het document waarin de onderzoekers de onderzoeksvragen die in de onderzoeksopdracht besloten liggen, beantwoorden (uiteraard voor zover de resultaten van het onderzoek de onderzoekers in staat stellen dit te doen). De Ondernemingskamer heeft dit in Aandachtspunt 4.1 zo geformuleerd: het verslag “beantwoordt aan de in de eerste fase beschikking door de Ondernemingskamer geformuleerde onderzoeksopdracht.”
Het verslag dient er primair toe de Ondernemingskamer in staat te stellen om declaratoir vast te stellen of er sprake is geweest van wanbeleid en, zo ja, als de verzoeker in de tweedefaseprocedure dat heeft verzocht, vast te stellen wie er verantwoordelijk zijn voor dat wanbeleid en eventueel, als daartoe aanleiding bestaat, voorzieningen te treffen.4 De onderzoekers gaan in het verslag echter alleen in op de vraag wie verantwoordelijk is voor mogelijk blijkend wanbeleid indien de Ondernemingskamer dit de onderzoekers uitdrukkelijk heeft opgedragen. In dat geval behoren de onderzoekers uitsluitend de verantwoordelijkheid van de onderscheiden organen van de rechtspersoon te bespreken, en niet de verantwoordelijkheid van individuele leden van die organen. Het verslag behoort evenmin de vraag te bespreken of kostenverhaal mogelijk is.5