Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/712
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Afwijzing door Ondernemingskamer van verzoek om nadere onmiddellijke voorzieningen te treffen en van tegenverzoek om eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen op te heffen. Miskenning van reikwijdte van art. 2:8 BW in verband met art. 2:349a BW?
HR 06-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:854
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 juni 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
24/03077
- Conclusie
A-G mr. B.F. Assink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:854, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑06‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:365, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 21‑03‑2025
Essentie
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Afwijzing door Ondernemingskamer van verzoek om nadere onmiddellijke voorzieningen te treffen en van tegenverzoek om eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen op te heffen. Miskenning van reikwijdte van art. 2:8 BW in verband met art. 2:349a BW?
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 24/03077
Datum 6 juni 2025
BESCHIKKING
In de zaak van
1. FM1 INVEST GERMANY B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. [verzoeker 2] , in zijn hoedanigheid van door de ondernemingskamer benoemde bestuurder van FM1,
kantoorhoudende te [plaats],
VERZOEKERS tot cassatie, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.