Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/720
Vrijspraak wegens overtreding artikel 1 Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Alkmaar met onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen kadavers. Cassatieberoep is niet-ontvankelijk, want het is te laat ingesteld.
HR 27-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:798
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 mei 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
21/02820
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:798, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:319, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 05‑09‑2024
- Wetingang
Essentie
De verdachte wordt vrijgesproken van de ten laste gelegde overtreding van artikel 1 Verordening dode gezelschapsdieren gemeente Alkmaar. Wel worden de in beslag genomen kadavers onttrokken aan het verkeer. Ruim drie maanden na die beslissing stelt de verdachte cassatieberoep in, waarbij in het kader van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep wordt aangevoerd dat ‘in feite’ sprake is van een beschikking als bedoeld in artikel 36b, eerste lid, onderdeel 4°, Sr, zodat de termijn van artikel 552f, zesde lid, Sv voor het instellen van cassatieberoep geldt. Deze klacht faalt. De Hoge Raad verwijst voor de redenen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.