Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/747
Feitelijk leiding geven aan door rechtspersoon opzettelijk onjuist en/of onvolledig doen van aangiften omzetbelasting, art. 69 lid 2 AWR. Laatste woord gegeven voorafgaand aan repliek en dupliek, art. 311 lid 4 Sv. Uit p-v van tz. in hoger beroep blijkt niet dat (nadat aan verdachte het recht was gelaten het laatst te spreken, A-G daarna had gerepliceerd en raadsman vervolgens had gedupliceerd) aan verdachte opnieuw het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat voorschrift dat in art. 311 lid 4 Sv op straffe van nietigheid is gegeven, niet in acht is genomen. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing. CAG (strekking): algehele vernietiging en terugwijzing. Samenhang met RvdW 2025/748.
HR 03-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:808
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 juni 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma, T.B. Trotman
- Zaaknummer
21/04018
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:808, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑06‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:380, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑03‑2025
Essentie
Feitelijk leiding geven aan door rechtspersoon opzettelijk onjuist en/of onvolledig doen van aangiften omzetbelasting, art. 69 lid 2 AWR. Laatste woord gegeven voorafgaand aan repliek en dupliek, art. 311 lid 4 Sv. Uit p-v van tz. in hoger beroep blijkt niet dat (nadat aan verdachte het recht was gelaten het laatst te spreken, A-G daarna had gerepliceerd en raadsman vervolgens had gedupliceerd) aan verdachte opnieuw het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat voorschrift dat in art. 311 lid 4 Sv op straffe van nietigheid is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.