RvdW 2025/492:Medeplegen handel in cocaïne (art. 2 onder B Opiumwet). Verbeurdverklaring 2 telefoons, art. 33a lid 1 sub c Sr. Heeft hof verbeurdverklaring toereikend gemotiveerd? Onder ‘strafbaar feit’ en ‘feit’ in art. 33a lid 1 Sr moet telkens bewezenverklaard feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat 1 van de in art. 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet t.a.v. bewezenverklaard feit (vgl. HR 7 januari 2020, NJ 2020/142). In aanmerking genomen wat is bewezenverklaard en mede gelet op wat hof in bewijsvoering daarover heeft vastgesteld, is ’s hofs oordeel dat bewezenverklaarde met behulp van 2 inbeslaggenomen telefoons is begaan of voorbereid, zonder nadere motivering niet begrijpelijk. Hof heeft immers geen vaststellingen gedaan waaruit kan volgen dat deze telefoons zijn gebruikt bij (voorbereiden van) bewezenverklaard feit. Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. verbeurdverklaring telefoons en terugwijzing. CAG (strekking): teruggave telefoons aan verdachte. Samenhang met RvdW 2025/493.