Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/476
Arbeidsrecht. Rechtsverhouding tussen beurspromovendi en UMCG als publiekrechtelijk lichaam; ongeregelde overeenkomst of arbeidsovereenkomst?; lacune in rechtsbescherming; strekking art. 7:615 (oud) BW; HR 14 april 2006, NJ 2007/447 (Beurspromovendi UvA).
HR 28-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:483
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 maart 2025
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma
- Zaaknummer
23/02993
- Conclusie
A-G mr. G.R.B. van Peursem
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:483, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑03‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:837, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 23‑08‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑09‑2023
- Wetingang
Art. 7A:1637, 7:615 (oud) BW; art. 7:610 BW; Besluit experiment promotieonderwijs
Essentie
Arbeidsrecht. Rechtsverhouding tussen beurspromovendi en UMCG als publiekrechtelijk lichaam; ongeregelde overeenkomst of arbeidsovereenkomst?; lacune in rechtsbescherming; strekking art. 7:615 (oud) BW; HR 14 april 2006, NJ 2007/447 (Beurspromovendi UvA).
Samenvatting
Art. 7:615 (oud) BW bepaalde dat de bepalingen van titel 7.10 BW (arbeidsovereenkomst) niet van toepassing zijn ten aanzien van personen in dienst van staat, provincie, gemeente, waterschap of enig ander publiekrechtelijk lichaam, tenzij zij, hetzij vóór of bij de aanvang van de dienstbetrekking door of namens partijen, hetzij bij wet of verordening, van toepassing zijn verklaard. De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.