Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/7.5.8.5:7.5.8.5 Communicatie met door de ondernemingskamer benoemde functionarissen
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/7.5.8.5
7.5.8.5 Communicatie met door de ondernemingskamer benoemde functionarissen
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS456647:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie OK 21 juni 2012, ARO 2012/108 (Rofitec Group), besproken in § 7.3.4.3.
Zie verder § 2.8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De verhouding tussen de onderzoekers en door de Ondernemingskamer bij wege van onmiddellijke voorziening benoemde functionarissen is aan de orde gekomen in § 2.8. Op dit moment is de situatie nog zo dat de onderzoekers en de overige door de Ondernemingskamer benoemde functionarissen geregeld met elkaar contact hebben. De vraag is of dit wenselijk is. Deze vraag speelt overigens alleen in curatieve of antagonistische enquêtes, omdat in inquisitoire enquêtes in beginsel geen onmiddellijke voorzieningen worden getroffen.
Ik meen dat de onderzoekers niet met de door de Ondernemingskamer benoemde functionarissen zouden mogen communiceren over de inhoud van het onderzoek anders dan in een tussentijds verslag dat wordt toegezonden aan alle partijen. De reden daarvoor is dat de onderzoekers anders bevindingen delen met deze functionarissen zonder dat de partijen daarvan op de hoogte zijn. Ook kan dit overleg de onpartijdigheid van de onderzoekers aantasten. Evenmin moeten de onderzoekers zich bemoeien met een eventuele poging van de door de Ondernemingskamer benoemde functionarissen om een minnelijke regeling te bereiken.1 Wat wel mag, is dat de onderzoekers met bijvoorbeeld een door de Ondernemingskamer benoemde bestuurder overleggen over inzage in de boeken van de rechtspersoon en de zekerheidstelling voor het onderzoeksbudget. Over deze onderwerpen kunnen de onderzoekers immers met de rechtspersoon spreken zonder dat de andere partijen daarbij zijn betrokken. Wel moeten zij over dit contact transparantie betrachten. Dit kan door de inhoud van deze contacten op hoofdlijnen weer te geven in het onderzoeksverslag. Ingeval deze contacten tijdens het onderzoek relevant blijken te zijn voor een door de Ondernemingskamer of de raadsheer-commissaris te nemen beslissing, dan moeten de onderzoekers die transparantie eerder geven, bijvoorbeeld in een tussentijds verslag.2