Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/593
Misbruik maken van identificerende persoonsgegevens door e-mails onder naam van ander te versturen, art. 231b Sr. Afwijzing van bij appelschriftuur gedane en ttz. in hoger beroep gehandhaafde verzoeken (voorwaardelijke) tot het horen van getuige en het doen van nader onderzoek, op de grond dat niet noodzakelijk is dat nader onderzoek wordt verricht en hof zich op basis van voorhanden zijnde informatie voldoende voorgelicht acht om te kunnen oordelen op het door verdachte ingestelde hoger beroep. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 22-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:585
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 april 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.E.M. Röttgering, F. Posthumus
- Zaaknummer
22/02874
- Conclusie
​A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:585, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑04‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:381, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑03‑2025
Essentie
Misbruik maken van identificerende persoonsgegevens door e-mails onder naam van ander te versturen, art. 231b Sr. Afwijzing van bij appelschriftuur gedane en ttz. in hoger beroep gehandhaafde verzoeken (voorwaardelijke) tot het horen van getuige en het doen van nader onderzoek, op de grond dat niet noodzakelijk is dat nader onderzoek wordt verricht en hof zich op basis van voorhanden zijnde informatie voldoende voorgelicht acht om te kunnen oordelen op het door verdachte ingestelde hoger beroep. HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/02874
Datum 22 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.