Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/630
Jarenlang seksueel misbruik van 2 nichtjes, die jonger dan 12 jaren zijn, door 18-jarige/24-jarige verdachte, art. 244 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Bewijsklachten. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vinden verklaringen van aangeefsters voldoende steun in andere bewijsmiddelen? 2. Schrifturen benadeelde partijen. Kunnen klachten over ’s hofs oordeel dat er geen aanleiding bestaat om aan verdachte de bijzondere voorwaarde op te leggen dat hij aan slachtoffers een schadevergoeding moet voldoen, worden aangemerkt als cassatiemiddelen a.b.i. art. 437 lid 3 Sv? Ad 1. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft aldus bij beoordeling van vraag of aan bewijsminimumvoorschrift van art. 342 lid 2 Sv is voldaan, betekenis kunnen toekennen aan verwantschap tussen de uit gebruikten b.m. blijkende modus operandi, handelingen van verdachte en omstandigheden waaronder deze plaatsvonden bij beide feiten en zo ook aan reactie van moeder waarover aangeefsters hebben verklaard, verklaring van getuige en medisch dossier van 1 van de meisjes. In het licht van ’s hofs totale bewijsvoering kan niet worden gezegd dat tot bewijs gebezigde verklaringen van aangeefsters onvoldoende steun vinden in overig gebezigd bewijsmateriaal. Derhalve heeft hof de bewezenverklaring naar eis der wet voldoende met redenen omkleed. Ad 2. Als cassatierechter onderzoekt HR alleen cassatiemiddelen a.b.i. wet. Dat geldt ook voor cassatiemiddelen a.b.i. art. 437 lid 3 Sv. Als zo’n cassatiemiddel kan alleen gelden stellige en duidelijke klacht over rechtspunt betreffende haar vordering. Schrifturen voldoen niet aan dit vereiste, zodat deze onbesproken moeten blijven. Volgt verwerping.
HR 22-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:582
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 april 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma, T. Kooijmans
- Zaaknummer
23/03827
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:582, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑04‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:188, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 11‑02‑2025
Essentie
Jarenlang seksueel misbruik van 2 nichtjes, die jonger dan 12 jaren zijn, door 18-jarige/24-jarige verdachte, art. 244 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Bewijsklachten. Bewijsminimum, art. 342 lid 2 Sv (unus testis). Vinden verklaringen van aangeefsters voldoende steun in andere bewijsmiddelen? 2. Schrifturen benadeelde partijen. Kunnen klachten over ’s hofs oordeel dat er geen aanleiding bestaat om aan verdachte de bijzondere voorwaarde op te leggen dat hij aan slachtoffers een schadevergoeding moet voldoen, worden aangemerkt als cassatiemiddelen a.b.i. art. 437 lid 3 Sv? Ad 1. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.