Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht
Einde inhoudsopgave
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/7.4.4.1:7.4.4.1 Inleiding
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/7.4.4.1
7.4.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
K. Teuben, datum 02-12-2004
- Datum
02-12-2004
- Auteur
K. Teuben
- JCDI
JCDI:ADS578284:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit het voorgaande komt het beeld naar voren dat de binding aan precedenten in het Engelse recht zeer strikt wordt opgevat. Niettemin kan ook naar Engels recht in bepaalde gevallen van een eerdere uitspraak worden afgeweken. Naast de reeds genoemde uitzonderingen die op de regel van stare decisis zijn aanvaard, gaat het hierbij in de eerste plaats om het zogeheten 'overruling': de verwerping van de in een precedent neergelegde rechtsregel waardoor deze zijn gelding verliest. Daarnaast bestaat de mogelijkheid van 'distinguishing' van een eerdere uitspraak, hetgeen nog het best omschreven zou kunnen worden als 'rechtsverfijrüng'. Anders dan bij overruling blijft de eerdere regel in dit geval geldend recht, maar de reikwijdte ervan verandert.
Naast dit alles bestaat overigens (vanzelfsprekend) ook de mogelijkheid van reversing: de vernietiging van een uitspraak in hoger beroep. Dit ontneemt iedere werking aan de desbetreffende uitspraak, niet slechts aan de daarin besloten liggende rechtsopvatting(en) maar ook aan het dictum. Laatstgenoemde vorm van 'afwijking' blijft op deze plaats echter verder buiten beschouwing.