Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/255
Verbintenissenrecht. Financieel recht. Procesrecht. Hof oordeelt dat binnen beoogde structuur beëindiging vermogensbeheer alleen kon door inleveren aandelen in fonds tegen uitkering van waarde, waarbij niet past beëindiging door ontslag van bestuurder van fonds en opzeggen van investment management overeenkomst. Klachten: essentiële stellingen opzegmogelijkheid gepasseerd en onjuist vergoedingspercentage in dictum. In cassatie als verweer beroep op gezag van gewijsde. Samenhang met HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:67.
HR 07-02-2025, ECLI:NL:HR:2025:193
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 februari 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, F.J.P. Lock, K. Teuben
- Zaaknummer
23/04361
- Conclusie
A-G mr. B.J. Drijber
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:193, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑02‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1126, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
Essentie
Verbintenissenrecht. Financieel recht. Procesrecht. Hof oordeelt dat binnen beoogde structuur beëindiging vermogensbeheer alleen kon door inleveren aandelen in fonds tegen uitkering van waarde, waarbij niet past beëindiging door ontslag van bestuurder van fonds en opzeggen van investment management overeenkomst. Klachten: essentiële stellingen opzegmogelijkheid gepasseerd en onjuist vergoedingspercentage in dictum. In cassatie als verweer beroep op gezag van gewijsde. Samenhang met HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:67.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/04361
Datum 7 februari 2025
ARREST
In de zaak van
UPPER BROOK (I) LIMITED,
gevestigd op de Kaaimaneilanden,
EISERES ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.