Zekerheid voor leverancierskrediet
Einde inhoudsopgave
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/10.3:10.3 Het Duitse recht
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/10.3
10.3 Het Duitse recht
Documentgegevens:
mr. K.W.C. Geurts, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
mr. K.W.C. Geurts
- JCDI
JCDI:ADS90860:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het Duitse recht kent geen apart leerstuk van oneigenlijke vermenging. De situatie waarin zaken hun zelfstandigheid behouden maar zodanig vermengd raken dat zij niet meer individualiseerbaar zijn, is een situatie van vermenging in de zin van §948 BGB:
(1) Werden bewegliche Sachen miteinander untrennbar vermischt oder vermengt, so finden die Vorschriften des §947 entsprechende Anwendung.
(2) Der Untrennbarkeit steht es gleich, wenn die Trennung der vermischten oder vermengten Sachen mit unverhältnismäûigen Kosten verbunden sein würde.
Onder vermenging naar Duits recht vallen dus de situaties die wij naar Nederlands recht onderscheiden in eigenlijke en oneigenlijke vermenging. Dit heeft tot gevolg dat de voorrangspositie voor leverancierskrediet zich in beginsel voortzet op een aandeel in de mede-eigendom.
Het Duitse leerstuk van oneigenlijke vemenging en de gevolgen voor de voorrangspositie worden hieronder besproken. Ook verwijs ik naar hoofdstuk 9, paragraaf 9.3 voor de uiteenzetting van het leerstuk van eigenlijke vermenging.
10.3.1 De gevolgen van oneigenlijke vermenging voor het eigendomsvoorbehoud