RvdW 2012/1218:Na arrestatie van de zoon van verzoekers worden bij hem paranoïde gedachten en een ernstige mentale stoornis geconstateerd. Hij moet volgens een psychiatrisch rapport in een gesloten therapeutische omgeving geplaatst worden voor behandeling. Na zijn veroordeling wordt hij, na tijdelijke plaatsing in de psychiatrische afdeling van een gevangenis geplaatst, in een psychiatrische instelling opgenomen. Na een maand gelast de procureur des Konings echter dat hij terug moet naar de psychiatrische afdeling van de gevangenis omdat hij zich niet houdt aan de voorwaarden van zijn weekendverlof en een gevaar vormt voor de samenleving. Hij wordt echter op een reguliere afdeling geplaatst in een cel met 3 andere gevangenen. Na een gewelddadig conflict met een celgenoot wordt hij in afzondering geplaatst. Een paar dagen later wordt hij geplaatst in een individuele cel, waar hij zichzelf uiteindelijk ophangt.