Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/7.6.3.2:7.6.3.2 Het plan van aanpak in de praktijk
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/7.6.3.2
7.6.3.2 Het plan van aanpak in de praktijk
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS454244:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het verdient aanbeveling dat een plan van aanpak een onderzoeksbudget bevat. Zie § 7.6.3.4.
Zie bijvoorbeeld OK 15 februari 2013, JOR 2013/102, m.nt. D.A.M.H.W. Strik (Van der Moolen Holding), r.o. 4.3.3.
R-C OK 18 maart 2016, ARO 2016/93 (Nieuwendijk Monumenten), r.o. 2.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aandachtspunt 3.4 bepaalt dat de Ondernemingskamer kan bepalen dat de onderzoeker een plan van aanpak en/of een begroting als bedoeld in Aandachtspunt 5.1 opstelt.1 Bij mijn weten heeft de Ondernemingskamer dit tot op heden nog niet bepaald. In de praktijk is het gebruikelijk dat in grotere onderzoeken de onderzoekers dit zelf doen.2 De toelichting op Aandachtspunt 3.5 beveelt dit ook aan als uitvloeisel van het beginsel van hoor en wederhoor.
In de zaak-Nieuwendijk Monumenten heeft de – door de Ondernemingskamer geschorste – bestuurder van de vennootschap de raadsheer-commissaris verzocht de onderzoeker een aanwijzing te geven een plan van aanpak op te stellen. De raadsheer- commissaris wees dit verzoek af en had daarvoor, kort samengevat, drie argumenten: de vrijheid van de onderzoeker het onderzoek naar eigen inzicht in te richten, het feit dat de verzoeker de vertraging in het onderzoek zelf had veroorzaakt en het feit dat het onderzoek al bijna gereed was.3 Ik begrijp deze uitspraak zo dat de raadsheer- commissaris niet uitsloot dat hij een dergelijke aanwijzing kon geven. Dat hij in dit geval het verzoek afwees, is begrijpelijk om de twee laatstgenoemde argumenten. Het eerste argument, de vrijheid van de onderzoeker, acht ik minder overtuigend.