Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/6.4.1:6.4.1 Wettekst
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/6.4.1
6.4.1 Wettekst
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS457879:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Geerts 2004, p. 161-163; Blanco Fernández, Holtzer & Van Solinge 2004, p. 37; Geerts in:GS Rechtspersonen, artikel 2:351 BW, aant. 8.3; Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* 2009/782; Van der Heijden-Van der Grinten/Dortmond 2013, nr. 365; Assink || Slagter 2013,p. 1716; Storm 2014, p. 145.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bepaling over het verstrekken van inlichtingen is opgenomen in artikel 2:351, eerste lid, derde en vierde volzin BW.1 Deze bepaling luidt als volgt:
“De bestuurders, de commissarissen zo die er zijn, alsmede degenen die in dienst zijn van de rechtspersoon of de vennootschap, zijn verplicht desgevraagd alle inlichtingen te verschaffen die nodig zijn voor de uitvoering van het onderzoek. Eenzelfde verplichting rust op hen die bestuurders of commissarissen van de rechtspersoon of vennootschap waren, of bij deze in dienst waren, gedurende het tijdstip waarover het onderzoek zich uitstrekt.”