RvdW 2024/782:Oplichting, meermalen gepleegd (art. 326 lid 1 Sr). Bewijsklacht. Heeft verdachte door ‘aannemen van valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen’ aangever bewogen tot afgifte van enige geldbedragen? Bewezenverklaring houdt o.m. in dat verdachte ‘door aannemen van valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen aangever heeft bewogen’ tot afgifte van enige geldbedragen. Dit onderdeel van bewezenverklaring kan echter niet zonder meer worden afgeleid uit bewijsvoering van hof. Uitspraak hof is ten aanzien daarvan dus ontoereikend gemotiveerd. Volgt (partiële) vernietiging en terugwijzing.