Einde inhoudsopgave
RvdW 2022/743
Caribische zaak. Voorhanden hebben machinegeweer en munitie in Curaçao, art. 5 jo. art. 11 Vuurwapenverordening 1930. In art. 11 Vuurwapenverordening 1930 is o.m. strafverzwarende omstandigheid opgenomen voor het geval verdachte t.t.v. voorhanden hebben weet of redelijkerwijze moet vermoeden dat enig voorwerp m.b.t. hetwelk het feit wordt begaan een machinegeweer is. HR: Uit de bewijsvoering van het hof kan niet z.m. worden afgeleid dat verdachte op moment dat hij pistool voorhanden had ‘wist’ dat dit vuurwapen een machinegeweer was, zoals hof heeft bewezenverklaard. Volgt vernietiging en terugwijzing.
HR 05-07-2022, ECLI:NL:HR:2022:1021
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
5 juli 2022
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
21/01284
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Wapens en munitie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:1021, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 05‑07‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:518, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑05‑2022
Essentie
Caribische zaak. Voorhanden hebben machinegeweer en munitie in Curaçao, art. 5 jo. art. 11 Vuurwapenverordening 1930. In art. 11 Vuurwapenverordening 1930 is o.m. strafverzwarende omstandigheid opgenomen voor het geval verdachte t.t.v. voorhanden hebben weet of redelijkerwijze moet vermoeden dat enig voorwerp m.b.t. hetwelk het feit wordt begaan een machinegeweer is. HR: Uit de bewijsvoering van het hof kan niet z.m. worden afgeleid dat verdachte op moment dat hij pistool voorhanden had ‘wist’ dat dit vuurwapen een machinegeweer was, zoals hof heeft bewezenverklaard. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.