Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/783
Oplichting (art. 326 lid 1 Sr). Strafmotivering (gevangenisstraf van 4 maanden). Heeft hof ten onrechte rekening gehouden met feit dat verdachte blijkens uittreksel JD tweemaal eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten, terwijl dit volgens inhoud JD feitelijk onjuist is? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2024/782.
HR 09-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:1016
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 juli 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/02633
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1016, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑07‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:613, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 11‑06‑2024
Essentie
Oplichting (art. 326 lid 1 Sr). Strafmotivering (gevangenisstraf van 4 maanden). Heeft hof ten onrechte rekening gehouden met feit dat verdachte blijkens uittreksel JD tweemaal eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten, terwijl dit volgens inhoud JD feitelijk onjuist is? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2024/782.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/02633
Datum 9 juli 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 juli 2022, nummer 20-001821-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.