Retentierecht en uitwinning
Einde inhoudsopgave
Retentierecht en uitwinning (O&R nr. 110) 2019/5.4.4.3:5.4.4.3 Overeenkomst hypotheekhouder–aannemer
Retentierecht en uitwinning (O&R nr. 110) 2019/5.4.4.3
5.4.4.3 Overeenkomst hypotheekhouder–aannemer
Documentgegevens:
mr. M.A. Heilbron, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. M.A. Heilbron
- JCDI
JCDI:ADS585238:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
226. Na het voorgaande kan ik hier kort zijn. Mijns inziens is een overeenkomst tussen de derde/hypotheekhouder en de aannemer, inhoudende dat de retentor jegens hem bij voorbaat afstand doet van het retentierecht zonder meer mogelijk. De afspraak kan ook tussen de schuldeisers onderling worden gemaakt, zonder de hypotheekgever/schuldenaar erbij te betrekken. Voor het inroepen van het retentierecht tegen de hypotheekhouder gelden andere (meer) vereisten dan voor het inroepen van het retentierecht tegen de schuldenaar zelf. Los van het feit dat derdenwerking een retentierecht in de tweepartijenverhouding veronderstelt, vereist de derdenwerking een eigen beoordeling. De werking tegen de schuldenaar en de derde staan los van elkaar. De vereisten voor het retentierecht verschillen van die voor derdenwerking van het recht. Aangezien het mogelijk is om een retentierecht te hebben tegen de schuldenaar, maar zonder derdenwerking, is het ook mogelijk om alleen jegens de derde afstand te doen van het retentierecht (maar niet jegens de schuldenaar).
Als de afstand van het retentierecht jegens de hypotheekhouder rechtsgeldig is geschied, heeft dit dezelfde gevolgen als in de vorige paragraaf beschreven.