Bestuurdersaansprakelijkheid uit onrechtmatige daad
Einde inhoudsopgave
Bestuurdersaansprakelijkheid uit onrechtmatige daad (R&P nr. InsR11) 2019/5.5.1:5.5.1 Algemeen
Bestuurdersaansprakelijkheid uit onrechtmatige daad (R&P nr. InsR11) 2019/5.5.1
5.5.1 Algemeen
Documentgegevens:
mr. A. Karapetian, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. A. Karapetian
- JCDI
JCDI:ADS347353:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Materieel strafrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het Engelse recht treedt streng op tegen eenieder die onjuiste informatie verstrekt wetende dat de geadresseerde daarop zijn handelen zal baseren. Zo ook tegen de bestuurder van een onderneming die een onware mededeling doet over de financiële toestand van een onderneming als gevolg waarvan een derde in een rechtsverhouding stapt met een onderneming waarvan hij de risico’s door de onjuiste voorstelling van zaken niet kan inschatten. De voorzienbaarheid van de schade (of zelfs ‘een schade’) is geen vereiste voor aansprakelijkheid. De gevolgen van aansprakelijkheid zijn verstrekkend. De bestuurder dient de derde in de positie te brengen waarin deze had verkeerd indien er geen verkeerde voorstelling van zaken was geweest en bovendien dient hij daarnaast alle voor de derde (resterende) schade te vergoeden die als gevolg van de ‘deceit’ is opgetreden. De redelijke (on) voorzienbaarheid van een bepaalde vorm van schade kan ook bij de vaststelling van de omvang van de schadevergoeding de bestuurder niet baten in de vorm van een matiging van de te vergoeden schade.
Hiervoor kwam aan de orde dat in de Nederlandse rechtsliteratuur de discussie over informatieplichten in hoofdzaak is toegespitst op de verhouding tussen twee contractspartijen. De beoogde contractuele verhouding is de achtergrond tegen welke de invulling van de toepasselijke normen vorm krijgt. De bestuurder bevindt zich niet in een contractuele relatie met de potentiele schuldeiser van de vennootschap, en de zorgvuldigheidsnorm die voor hem in de beschreven situatie zou gelden, kan dan ook uitsluitend worden gebaseerd op de maatschappelijke betamelijkheid die rechtssubjecten jegens elkaar hebben in acht te nemen.