Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.6.3.1
4.6.3.1 Inleiding
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS457885:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld OK 13 december 2012, ARO 2013/3 (De Orthopedische Schoenmakerij).
OK 25 september 2015, ARO 2015/216 (Phoenicia Hotel (Holding)). De Ondernemingskamer veroordeelt in deze zaak de rechtspersoon aan de onderzoeker een bedrag van € 12.615, de daarover verschuldigde omzetbelasting daaronder niet begrepen, te betalen. Deze formulering is ongelukkig. De onderzoeker in deze zaak is advocaat, en dus ondernemer voor de omzetbelasting. De bedoeling van de Ondernemingskamer is kennelijk de rechtspersoon te veroordelen dit bedrag, vermeerderd met omzetbelasting, aan de onderzoeker te betalen. Dat staat er echter niet.
Ik leid dit af uit OK 7 januari 2015, ARO 2015/74 (VOC Detachering), r.o. 2; OK 3 februari 2015,ARO 2015/75 (Small Society), r.o. 2. In beide zaken verwierp de Ondernemingskamer de bezwaren tegen de vaststelling van de kosten met de overweging dat het door een belanghebbende opgeworpen bezwaar tegen het verslag geen betrekking had op de aard en de omvang van de door de onderzoeker verrichte werkzaamheden. Daaruit leid ik af dat de Ondernemingskamer van oordeel is dat tegen de aard en omvang van de door de onderzoekers verrichte werkzaamheden bezwaar kan worden gemaakt.
Ik leid dit af uit OK 16 maart 2015, ARO 2015/105 (Jeemer (Slotervaartziekenhuis)), r.o. 2.2. In deze zaak verwierp de Ondernemingskamer het bezwaar dat de onderzoeker buiten de onderzoeksopdracht was getreden.
Zie bijvoorbeeld OK 16 maart 2015, ARO 2015/105 (Jeemer (Slotervaartziekenhuis)), r.o. 2.2.
Zie § 4.1.4.
Zie § 4.3.
De Ondernemingskamer kan de kosten van de onderzoekers niet vaststellen op een hoger bedrag dan het (verhoogde) onderzoeksbudget. Als de onderzoekers tegelijk met of vlak voor het deponeren van het onderzoeksverslag een verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget indienen, vindt de eigenlijke toetsing van de redelijkheid van de onderzoekskosten plaats bij de beslissing op het verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget. Het komt dan ook wel voor dat de Ondernemingskamer in dezelfde beschikking zowel het onderzoeksbudget verhoogt als de onderzoekskosten vaststelt.1 Mocht de rechtspersoon nog niet volledig voor het onderzoeksbudget zekerheid hebben gesteld, dan kan de Ondernemingskamer hem veroordelen het verschil aan de onderzoekers te betalen.2
Indien de partijen bij het onderzoek geen bezwaar maken tegen de door de onderzoekers blijkens de specificatie van hun werkzaamheden verzochte kostenvergoeding, stelt de Ondernemingskamer deze conform vast. Bij mijn weten is het niet voorgekomen dat de Ondernemingskamer de kosten ambtshalve op een lager bedrag heeft vastgesteld. Als partijen wel bezwaar maken, wordt dat bezwaar standaard verworpen. Uit de jurisprudentie leid ik af dat er in de visie van de Ondernemingskamer twee gronden zijn waarop partijen bezwaar kunnen maken tegen de verzochte kostenvaststelling. Bezwaren kunnen zijn gericht tegen de aard en omvang van de verrichte werkzaamheden.3 Verder kan een partij aanvoeren dat de kosten van het onderzoek nodeloos zijn opgelopen doordat de onderzoekers buiten de onderzoeksopdracht zijn getreden.4 Bezwaren tegen de wijze waarop de onderzoekers het onderzoek hebben uitgevoerd, verwerpt de Ondernemingskamer met de overweging dat de onderzoekers in beginsel vrij zijn in de inrichting van het onderzoek en het verslag.5 Bij mijn weten heeft de Ondernemingskamer ook nooit naar aanleiding van bezwaar de kosten van de onderzoekers lager vastgesteld dan verzocht.
Naar mijn mening is de Ondernemingskamer te terughoudend bij het toetsen van de door de onderzoekers voorgestelde vergoeding voor de onderzoekskosten. De Ondernemingskamer heeft tot taak erop toe te zien dat de kosten van het onderzoek binnen redelijke grenzen blijven.6 Vooraf moet de Ondernemingskamer dit doen door het onderzoeksbudget vast te stellen,7 en achteraf door de werkzaamheden van de onderzoekers te toetsen. Hierbij komt het aan op het beoordelen van de 4 componenten die de kosten van het onderzoek bepalen: de bestede tijd, het uurtarief, de kosten van ingeschakelde hulppersonen en overige kosten. In het navolgende bespreek ik deze componenten.