Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/683
Zaak IJsberg. OM-cassatie. Schuldwitwassen van bitcoins (art. 420quater lid 1 sub b Sr) en medeplegen mishandeling (art. 300 lid 1 Sr). Vrijspraak verbergen en verhullen van herkomst bitcoins. Heeft hof ten onrechte oogmerk van verdachte bepalend geacht bij vraag of sprake is van ‘verbergen’ of ‘verhullen’ a.b.i. art. 420bis lid 1 sub a en 420quater lid 1 sub a Sr? Middel slaagt om redenen vermeld in RvdW 2024/676. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.
HR 25-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:889
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 juni 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/00406
- Conclusie
A-G mr. D.J.C. Aben
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:889, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑06‑2024
Essentie
Zaak IJsberg. OM-cassatie. Schuldwitwassen van bitcoins (art. 420quater lid 1 sub b Sr) en medeplegen mishandeling (art. 300 lid 1 Sr). Vrijspraak verbergen en verhullen van herkomst bitcoins. Heeft hof ten onrechte oogmerk van verdachte bepalend geacht bij vraag of sprake is van ‘verbergen’ of ‘verhullen’ a.b.i. art. 420bis lid 1 sub a en 420quater lid 1 sub a Sr? Middel slaagt om redenen vermeld in RvdW 2024/676. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/00406
Datum 25 juni ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.