Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/704
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op personenauto onder schoonzoon van klaagster t.z.v. verdenking van rijden zonder rijbewijs. 1. Verbeurdverklaring auto, art. 33a lid 2 sub a Sr. Heeft klaagster voldoende maatregelen getroffen om te voorkomen dat haar schoonzoon opnieuw haar auto zou gebruiken zonder in het bezit te zijn van geldig rijbewijs? 2. Was hof (gelet op hetgeen namens klaagster is aangevoerd) gehouden onderzoek te doen naar vraag of voortzetting van beslag in overeenstemming is met eis van proportionaliteit? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 25-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:938
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 juni 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/01987
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:938, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑06‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:279, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 16‑04‑2024
Essentie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op personenauto onder schoonzoon van klaagster t.z.v. verdenking van rijden zonder rijbewijs. 1. Verbeurdverklaring auto, art. 33a lid 2 sub a Sr. Heeft klaagster voldoende maatregelen getroffen om te voorkomen dat haar schoonzoon opnieuw haar auto zou gebruiken zonder in het bezit te zijn van geldig rijbewijs? 2. Was hof (gelet op hetgeen namens klaagster is aangevoerd) gehouden onderzoek te doen naar vraag of voortzetting van beslag in overeenstemming is met eis van proportionaliteit? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.