Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht
Einde inhoudsopgave
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/6.3.4.1:6.3.4.1 Inleiding
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/6.3.4.1
6.3.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
K. Teuben, datum 02-12-2004
- Datum
02-12-2004
- Auteur
K. Teuben
- JCDI
JCDI:ADS574768:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ervan uitgaand dat een toepasselijke rechtersregeling niet zélf in strijd is met het recht, is de volgende vraag: welke vormen van 'schending van het recht' kunnen zich nu voordoen bij de toepassing daarvan door de lagere rechter? In algemene zin luidt het antwoord op deze vraag dat het hierbij zowel kan gaan om een onjuiste uitleg van die rechtersregeling (§ 6.3.4.2), als om een onjuiste toepassing daarvan op de vastgestelde feiten (§ 6.3.4.3). Ik werk dit hieronder uit aan de hand van enkele concrete voorbeelden.