Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.3.2.4:4.3.2.4 Wijziging van de Aandachtspunten, aanbevelingen en suggesties voor onderzoekers
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.3.2.4
4.3.2.4 Wijziging van de Aandachtspunten, aanbevelingen en suggesties voor onderzoekers
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS451859:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De in de begroting op te nemen elementen zijn al opgenomen in Aandachtspunt 5.1. Zie § 4.1.3.
De onderzoekers moeten het concept van het plan van aanpak aan partijen voorleggen. Zie § 7.6.3.3. Dit betekent in de praktijk dat de onderzoekers het conceptplan binnen vier weken zullen moeten toesturen aan partijen. Wie die partijen zijn, behandel ik in § 7.4.9.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Concreet komt mijn voorstel voor de nieuwe werkwijze op het volgende neer. In een kleine enquête houdt de Ondernemingskamer de beslissing over de vaststelling van het onderzoeksbudget aan totdat de onderzoekers een begroting hebben opgesteld. In de Aandachtspunten wordt opgenomen dat zij dit binnen veertien dagen na hun benoeming moeten doen.1 Vervolgens stuurt de secretaris van de Ondernemingskamer de begroting naar partijen, die enkele dagen krijgen om daarop te reageren. Vervolgens stelt de Ondernemingskamer, of de raadsheer-commissaris, het onderzoeksbudget vast. De onderzoekers hebben de bevoegdheid de begroting op te nemen in een plan van aanpak, maar zijn daartoe niet verplicht.
In een grotere enquête (en in ieder geval in alle inquisitoire enquêtes) bepaalt de Ondernemingskamer in de beschikking waarbij zij een onderzoek gelast, dat de onderzoekers een plan van aanpak met kostenbegroting opstellen. De Ondernemingskamer kan in de beschikking een onderzoeksbudget opnemen voor het opstellen van het plan van aanpak. In de Aandachtspunten wordt opgenomen dat de onderzoekers binnen vier weken na hun benoeming of, als er een onderzoeksbudget in de beschikking is vastgesteld binnen zes weken nadat daarvoor zekerheid is gesteld, een plan van aanpak met kostenbegroting moeten opstellen.2 Dit uiteraard onverminderd de bevoegdheid van de Ondernemingskamer een langere termijn vast te stellen. De onderzoekers sturen het plan van aanpak aan de Ondernemingskamer met het verzoek het onderzoeksbudget vast te stellen op respectievelijk te verhogen tot het begrote bedrag. De Ondernemingskamer stelt partijen in staat hierop te reageren. De Ondernemingskamer, of de raadsheer-commissaris namens haar, neemt vervolgens de beslissing over de hoogte van het onderzoeksbudget.