Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.3.2.2:4.3.2.2 De toe te passen procedure
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.3.2.2
4.3.2.2 De toe te passen procedure
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS450710:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 19 Rv. Alle partijen bij het onderzoek moeten de gelegenheid krijgen zich hierover uit te laten. Zie § 7.4.9.3. Vgl. ook De Groot 2012, p. 83-84.
Zie § 7.6.3.1.
Zie § 7.6.3.4.
Zie § 9.4.4.4.
Opmerking verdient dat tegen de beslissing van de raadsheer-commissaris op een verzoek om een aanwijzing geen beroep in cassatie openstaat, terwijl tegen een beslissing tot verhoging van het onderzoeksbudget wel cassatieberoep mogelijk is.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Procedureel zou het vaststellen van een onderzoeksbudget op twee manieren kunnen gebeuren. In kleine enquêtes, waarin de onderzoekers geen plan van aanpak opstellen, kan de Ondernemingskamer de onderzoekers schriftelijk vragen de kosten van het onderzoek te begroten. Dat betekent dat de Ondernemingskamer eerst de onderzoekers benoemt, en de beslissing over de hoogte van het onderzoeksbudget aanhoudt totdat de onderzoekers hun begroting hebben gemaakt. Het beginsel van hoor en wederhoor brengt mee dat partijen op de door de onderzoekers opgestelde begroting schriftelijk moeten kunnen reageren.1 Daarna kan de Ondernemingskamer het onderzoeksbudget vaststellen.
Indien de onderzoekers een plan van aanpak opstellen, hetgeen in alle grotere enquêtes wenselijk is,2 maken zij ook een begroting. Een begroting van de kosten maakt namelijk onderdeel uit van het plan van aanpak.3 Alle partijen kunnen zich over het concept van het plan van aanpak uitlaten, voordat de onderzoekers het plan van aanpak vaststellen. Partijen die het niet eens zijn met het plan van aanpak kunnen de raadsheer-commissaris vragen de onderzoekers een aanwijzing te geven om het plan van aanpak aan te passen. Als de Ondernemingskamer het onderzoeksbudget nog niet heeft vastgesteld, en partijen hebben geen opmerkingen op het concept van het plan van aanpak, kan de Ondernemingskamer het onderzoeksbudget vaststellen conform de begroting die uit het plan van aanpak blijkt. Hebben partijen wel bezwaren, dan kan de raadsheer-commissaris daarover beslissen. In dat geval kan de raadsheer-commissaris ook het onderzoeksbudget vaststellen; dit is een bevoegdheid van de Ondernemingskamer die mijns inziens door hem kan worden uitgeoefend.4
Omdat met het opstellen van het plan van aanpak wel wat tijd kan zijn gemoeid, kan het bezwaarlijk zijn dat de onderzoekers aan het werk gaan zonder dat zij voor die werkzaamheden de beschikking hebben over een voorschot. Dit probleem kan worden opgelost als de Ondernemingskamer in de beschikking waarbij zij een onderzoek gelast een onderzoeksbudget opneemt voor uitsluitend het opstellen van een plan van aanpak. Vervolgens kunnen de onderzoekers, nadat het plan van aanpak is opgesteld, de Ondernemingskamer verzoeken het onderzoeksbudget te verhogen tot het bedrag van de begroting. Indien een of meer partijen het niet eens zijn met het plan van aanpak en de raadsheer-commissaris vragen de onderzoekers een aanwijzing te geven, kan de raadsheer-commissaris tegelijk met zijn beslissing daarover namens de Ondernemingskamer beslissen op het verzoek om verhoging van het onderzoeksbudget.5