Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/484
Poging tot doodslag door tijdens vechtpartij een ander minutenlang tegen zijn hoofd te trappen als hij bewusteloos op straat ligt, nadat verdachte door die ander diens woning is uitgewerkt waarbij verdachte met staafje op zijn hoofd is geslagen, art. 45 en 287 Sr. Ontslag van alle rechtsvervolging in eerste aanleg. Noodweerexces, art. 41 lid 2 Sr. HR: Om redenen vermeld in CAG faalt middel. CAG: Hof heeft het niet aannemelijk geacht dat acties van verdachte vanaf moment dat slachtoffer op straat lag het gevolg zijn van hevige gemoedsbeweging. Hof heeft geoordeeld dat het door verdachte over een langere periode met kracht tegen hoofd schoppen terwijl slachtoffer bewusteloos op de grond ligt niet geboden was en naar de kern bezien aanvallend en niet noodzakelijk voor zelfverdediging was, en niet in redelijke verhouding stond tot aard en intensiteit van de op dat moment mogelijk aanwezige hevige gemoedsbeweging. ’s Hofs oordeel dat poging doodslag niet kan worden aangemerkt als ‘onmiddellijk gevolg’ van veronderstelde (hevige) gemoedsbeweging, getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is evenmin onbegrijpelijk. Volgt verwerping.
HR 16-04-2024, ECLI:NL:HR:2024:552
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 april 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
22/01035
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:552, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑04‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:257, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑03‑2024
Essentie
Poging tot doodslag door tijdens vechtpartij een ander minutenlang tegen zijn hoofd te trappen als hij bewusteloos op straat ligt, nadat verdachte door die ander diens woning is uitgewerkt waarbij verdachte met staafje op zijn hoofd is geslagen, art. 45 en 287 Sr. Ontslag van alle rechtsvervolging in eerste aanleg. Noodweerexces, art. 41 lid 2 Sr. HR: Om redenen vermeld in CAG faalt middel. CAG: Hof heeft het niet aannemelijk geacht dat acties van verdachte vanaf moment dat slachtoffer op straat lag het gevolg zijn van hevige gemoedsbeweging. Hof heeft geoordeeld dat het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.