Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/3.3.1:3.3.1 Inleiding
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/3.3.1
3.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS453066:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Net zomin als dat voor deskundigen in de civiele procedure het geval is, bepaalt de wet aan welke eisen iemand moet voldoen om als onderzoeker te kunnen worden benoemd. Zelfs een met artikel 198 lid 1 Rv overeenkomstige bepaling, inhoudende dat de deskundige die zijn benoeming heeft aanvaard, verplicht is de opdracht onpartijdig en naar beste weten te volbrengen, ontbreekt. Dit neemt overigens niet weg dat deze bepaling van overeenkomstige toepassing is op onderzoekers.1 In vergelijking met de aandacht die er de laatste jaren is voor de eisen die aan deskundigen moeten worden gesteld, hun opleiding en registratie, valt op dat er weinig aandacht is voor de eisen waaraan onderzoekers in enquêteprocedures moeten voldoen. Dit komt niet omdat er geen kritiek is op de wijze waarop onderzoeken worden uitgeoefend. Die kritiek is er volop.2 De aandacht gaat echter vooral uit naar de wijze waarop het onderzoek moet worden uitgevoerd en daarover verslag moet worden gedaan, en minder naar degenen die het onderzoek moeten uitvoeren: de onderzoekers. In deze paragraaf zal ik onderzoeken of, en zo ja in hoeverre, de in de vorige paragraaf beschreven eisen die worden gesteld aan gerechtelijk deskundigen ook kunnen worden gesteld aan onderzoekers. Daartoe is het allereerst nuttig de overeenkomsten en verschillen tussen gerechtelijk deskundigen in civiele procedures en onderzoekers in de enquêteprocedure te analyseren (§ 3.3.3). Om dat te kunnen doen, beschrijf ik eerst kort de taken van de onderzoekers. In § 3.3.4 zet ik uiteen aan welke eisen de onderzoekers in de enquêteprocedure moeten voldoen. In § 3.3.5 ga ik in op de vraag of er een leeftijdsgrens voor onderzoekers moet komen, zoals door sommigen wordt bepleit.