Einde inhoudsopgave
RvdW 2021/474
Opzettelijk gebruik maken van niet op zijn naam gesteld reisdocument, art. 231 lid 2 Sr. Middelen over 1. schending aanwezigheidsrecht in h.b. en 2. overschrijding redelijke termijn nu verstekmededeling niet binnen één jaar rechtsgeldig is betekend. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 13-04-2021, ECLI:NL:HR:2021:565
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 april 2021
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
19/03972
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:565, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑04‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:378, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 02‑03‑2021
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 19/03972
Datum 13 april 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 2 juli 2012, nummer 22-003958-11, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978,
hierna: de verdachte. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.