Einde inhoudsopgave
RvdW 2021/479
Poging doodslag d.m.v. messteek in buik (art. 287 jo. 45 Sr). Middelen over voorwaardelijk opzet op doodslag en omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. HR: art. 81 lid 1 RO en bepaalt dat met toepassing van art. 6:4:20 Sv gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast.
HR 13-04-2021, ECLI:NL:HR:2021:512
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
13 april 2021
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
19/05897
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Tenuitvoerlegging
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:512, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 13‑04‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:172, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 02‑03‑2021
Essentie
Poging doodslag d.m.v. messteek in buik (art. 287 jo. 45 Sr). Middelen over voorwaardelijk opzet op doodslag en omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. HR: art. 81 lid 1 RO en bepaalt dat met toepassing van art. 6:4:20 Sv gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 19/05897
Datum 13 april 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 23 december 2019, nummer 21-003957-18, in de strafzaak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.