Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/2.3.3.1:2.3.3.1 Inleiding
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/2.3.3.1
2.3.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS583612:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie HR 28 oktober 1994, NJ 1995, 97 (Kooistra's Kledinghuis/Hollandsche Bankunie); Wiarda 1937, p. 196-200.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
26. Het antwoord op de vraag of de stille cedent na de stille cessie inningsbevoegd blijft, luidt in beginsel ontkennend. Door de overgang van de vordering wordt de stille cessionaris als nieuwe schuldeiser inningsbevoegd. De stille cedent als oude schuldeiser wordt door de overgang inningsonbevoegd. Goederenrechtelijk gezien is hij een derde ten opzichte van de vordering. Wil hij inningsbevoegd blijven ten aanzien van de stil gecedeerde vordering, dan dient daarvoor een rechtsgrond te bestaan.
De stille cessie in het huidige recht verschilt in dit opzicht niet van de cessie onder het oude recht (art. 668 BW (oud)). Onder het oude recht was mededeling geen vereiste voor levering. In de literatuur en rechtspraak werd aangenomen dat de cedent door de cessie inningsonbevoegd werd. Was van de cessie geen mededeling gedaan, en betaalde de schuldenaar aan de cedent, dan betaalde hij op grond van art. 1422 BW (oud) (vergelijkbaar met het huidige art. 6:34 BW) bevrijdend als hij te goeder trouw had aangenomen dat de cedent nog zijn schuldeiser was.1 Het veronderstelt de inningsonbevoegdheid van de cedent. Immers, zou worden aangenomen dat de cedent na de cessie inningsbevoegd zou blijven zolang geen mededeling is gedaan, dan kan het beroep op art. 1422 BW (oud) voor de bevrijdende betaling van de schuldenaar achterwege blijven.