Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht
Einde inhoudsopgave
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/5.3.4.1:5.3.4.1 Inleiding
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/5.3.4.1
5.3.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
K. Teuben, datum 02-12-2004
- Datum
02-12-2004
- Auteur
K. Teuben
- JCDI
JCDI:ADS580694:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het is uiteraard moeilijk voorbeelden te geven van rechtersregelingen die niet bekendgemaakt zijn. Zie voor enige empirische gegevens op het gebied van het bestuursrecht Ten Berge e.a. 1996, hoofdstuk 6; zie ook § 2.9.
In deze zin ook Brenninkmeijer 1998, p. 394; Hofhuis 2003, p. 112; anders: Terlouw 2003, p. 352, die meent dat iedere (inhoudelijke) afspraak moet worden gepubliceerd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoewel rechtersregelingen - met name wanneer zij op landelijk niveau tot stand komen - steeds vaker en op ruime schaal gepubliceerd worden, vindt bekendmaking nog steeds in veel gevallen in het geheel niet, of althans niet buiten de kring van de betrokken rechters of gerechten, plaats.1 In de voorgaande paragraaf is al uiteengezet dat hiervoor verschillende redenen aanwezig kunnen zijn, bijvoorbeeld dat het in een rechtersregeling neergelegde beleid nog niet voldoende uitgekristalliseerd is en men aldus (voorlopig) binding aan die regeling wil voorkomen. Hoewel voor dit laatste probleem een oplossing gevonden zou kunnen worden in het 'onder voorbehoud' bekendmaken van een rechtersregeling, zijn er mijns inziens inderdaad situaties denkbaar, waarin het legitiem is een rechtersregeling (nog) niet bekend te maken.2
De vraag rijst echter of rechtersregelingen niet in alle gevallen, ook wanneer zij uitdrukkelijk als niet-bindend bedoeld zijn, bekendgemaakt zouden moeten worden. In het bijzonder is de vraag of een dergelijke verplichting tot bekendmaking kan worden afgeleid uit art. 6 EVRM, dat eenieder bij het vaststellen van zijn burgerlijke rechten en verplichtingen recht geeft op een 'eerlijke behandeling' van zijn zaak {'fair trial'). Dit recht op een eerlijke behandeling kent een aantal aspecten, waarvan in dit verband met name relevant zijn het 'right to adversarial proceedings' (§ 5.3.4.2) en het vereiste van 'equality of arms' (§ 5.3.4.3).