Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.10.2:4.10.2 Reikwijdte van de verplichting tot vergoeding van de kosten van verweer die de onderzoekers moeten maken tegen een aansprakelijkstelling
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/4.10.2
4.10.2 Reikwijdte van de verplichting tot vergoeding van de kosten van verweer die de onderzoekers moeten maken tegen een aansprakelijkstelling
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS450701:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie § 4.1.2.2.
In de ZED+-zaak werd de door de Ondernemingskamer benoemde bestuurder begin 2017 door de Spaanse autoriteiten opgehouden voor verhoor. Daaruit blijkt dat een strafrechtelijke vervolging van OK-functionarissen niet geheel ondenkbaar is.
Zie § 4.1.2.2.
Zie § 4.1.2.2.
Zie § 4.6.3.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals al eerder aan de orde gekomen, betreffen de verweerkosten die de rechtspersoon moet betalen de redelijke en in redelijkheid gemaakte kosten van verweer van de onderzoekers ter zake van de vaststelling van aansprakelijkheid vanwege de uitvoering van het onderzoek of het verslag van de uitkomst van het onderzoek. De memorie van toelichting verwijst naar het systeem van artikel 6:96 BW.1 Daaruit leid ik af dat het begrip ‘kosten van verweer’ ruim moet worden uitgelegd en dat daar ook onder vallen redelijke kosten ter voorkoming of beperking van schade en redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid. Om die reden meen ik dat ook kosten van verweer tegen een tuchtrechtelijke en zelfs strafrechtelijke aansprakelijkstelling onder de reikwijdte van deze vergoedingsplicht vallen.2 In de nota naar aanleiding van het verslag heeft de minister opgemerkt dat ook het griffierecht en een eventuele kostenveroordeling tot de kosten van verweer behoren die door de rechtspersoon moeten worden vergoed.3 De verplichting de redelijke en in redelijkheid gemaakte kosten van verweer te vergoeden geldt ook als de onderzoekers aansprakelijk blijken te zijn.
De minister heeft in de memorie van toelichting opgemerkt dat de rechtspersoon aan deze verplichting in de praktijk invulling zal kunnen geven doordat hij de kosten van een aansprakelijkheidsverzekering (ter dekking van de kosten van verweer) ten behoeve van de onderzoeker draagt.4 In de praktijk dekt die verzekering overigens niet alleen de kosten van verweer, maar ook de kosten van een eventuele aansprakelijkheid zelf. Naar mijn mening mag uit de opmerking van de minister niet a contrario worden afgeleid dat de onderzoekers hun eigen kosten van een verzekering tegen aansprakelijkheid niet als onderzoekskosten aan de rechtspersoon in rekening zouden mogen brengen.5