Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/7.5.4.1
7.5.4.1 Procesdossier
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS459083:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Blanco Fernández, Holtzer & Van Solinge 2004, p. 44. Als de Ondernemingskamer nadien nieuwe beschikkingen wijst, ontvangen de onderzoekers daarvan ook een afschrift, inclusief de daarop betrekking hebbende processtukken.
Zie § 7.6.2.
Aandachtspunt 2.2.
De onderzoekers kunnen zich natuurlijk wel baseren op producties die door partijen in de eerstefaseprocedure in het geding zijn gebracht. Verder zijn de onderzoekers uiteraard gebonden aan de onderzoeksopdracht zoals die door de Ondernemingskamer is geformuleerd en aan eventuele aanwijzingen met betrekking tot de uitvoering van het onderzoek (zie § 2.1.5 en § 7.4.2).
De onderzoekers ontvangen van de secretaris van de Ondernemingskamer een kopie van de door de Ondernemingskamer gewezen beschikking(en) en het procesdossier.1 De onderzoekers kunnen de inhoud van deze beschikking(en) en het procesdossier gebruiken voor een eerste oriëntatie op de betrokken partijen en de onderzoeksopdracht.2 De onderzoekers zijn niet gebonden aan de vaststellingen van de Ondernemingskamer in de beschikking waarbij het onderzoek is gelast en eventuele latere beschikkingen, zoals beschikkingen waarbij onmiddellijke voorzieningen zijn getroffen.3 Evenmin mogen de onderzoekers feiten die door de verzoeker zijn gesteld en door de rechtspersoon niet, of niet gemotiveerd, zijn betwist, als juist aannemen. De onderzoekers zullen er rekening mee moeten houden dat partijen die de stellingen van de verzoeker zouden willen tegenspreken niet in de eerstefaseprocedure zijn verschenen, en dat wellicht daarom feiten die door de Ondernemingskamer in haar beschikking zijn vermeld, onjuist zijn. Het procesdossier is er voor een eerste oriëntatie: niets meer.4