Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/128
Onderzoek Verdejo. Profijtontneming, w.v.v. uit uitvoer van amfetamine, cocaïne en hasj, aanwezig hebben van hennep en deelname aan criminele organisatie die gericht is op grootschalige handel in en uitvoer van hennep en hasj. 1. Motivering schatting w.v.v. ten aanzien van geschatte hoeveelheden hennep en opbrengsten van uitvoer van amfetamine. Heeft hof nagelaten inhoud van bewijsmiddelen waarop het de schatting heeft gebaseerd weer te geven, v.zv. die b.m. redengevende feiten en omstandigheden bevatten, en kon hof volstaan met verwijzing naar b.m. die in hoofdzaak onderdeel uitmaken van en nader omschreven worden in bewijsvoering? 2. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt t.a.v. schatting w.v.v., inhoudende dat op basis van b.m. die voorhanden zijn niet kan worden vastgesteld welke hoeveelheden hennep en/of hasj verhandeld werden. HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/122, RvdW 2026/123, RvdW 2026/124 en RvdW 2026/125.
HR 09-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1843
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 december 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/03275 P
- Conclusie
A-G mr. V.M.A. Sinnige
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1843, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑12‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1274, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑11‑2025
Essentie
Onderzoek Verdejo. Profijtontneming, w.v.v. uit uitvoer van amfetamine, cocaïne en hasj, aanwezig hebben van hennep en deelname aan criminele organisatie die gericht is op grootschalige handel in en uitvoer van hennep en hasj. 1. Motivering schatting w.v.v. ten aanzien van geschatte hoeveelheden hennep en opbrengsten van uitvoer van amfetamine. Heeft hof nagelaten inhoud van bewijsmiddelen waarop het de schatting heeft gebaseerd weer te geven, v.zv. die b.m. redengevende feiten en omstandigheden bevatten, en kon hof volstaan met verwijzing naar b.m. die in hoofdzaak onderdeel uitmaken van en nader omschreven worden in bewijsvoering? 2. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt t.a.v. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.