Het onderzoek in de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/11.1:11.1 Inleiding
Het onderzoek in de enquêteprocedure (VDHI nr. 145) 2017/11.1
11.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. R.M. Hermans, datum 01-11-2017
- Datum
01-11-2017
- Auteur
mr. drs. R.M. Hermans
- JCDI
JCDI:ADS459060:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Volgens het Groene Boekje is ‘eenieder’ één woord. In artikel 2:353 lid 2 en 3 BW wordt het echter als twee woorden geschreven. In het navolgende gebruik ik de correcte spelling, behoudens als ik citeer. Bij de eerstvolgende wetswijziging zou deze spelfout kunnen worden gecorrigeerd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderzoek kan op twee manieren eindigen: door inlevering van het verslag ter griffie of door voortijdige beëindiging. Het onderzoek eindigt voortijdig indien de Hoge Raad de beschikking waarbij de Ondernemingskamer het onderzoek heeft gelast vernietigt, tenzij uit uitleg van de beschikking van de Hoge Raad blijkt dat de uitspraak van de Ondernemingskamer waarbij het onderzoek is gelast gedeeltelijk in stand is gebleven. Het onderzoek kan ook voortijdig eindigen indien de Ondernemingskamer dat bij beschikking bepaalt.
In § 11.2 bespreek ik de inlevering van het verslag ter griffie en de toezending ervan aan partijen door de griffier. Het onderzoeksverslag is in beginsel vertrouwelijk en niet openbaar. De Ondernemingskamer kan bepalen dat het verslag geheel of gedeeltelijk ter inzage ligt voor anderen dan de verzoekers, de rechtspersoon, de advocaat-generaal en, indien van toepassing, DNB en de AFM. Van die mogelijkheid maakt de Ondernemingskamer standaard gebruik. Zij bepaalt dan dat het verslag ter inzage ligt voor “belanghebbenden” dan wel voor “een ieder”.1 In § 11.3 ga ik hierop in. Omdat het verslag, zoals gezegd, vertrouwelijk is, mag in beginsel alleen de rechtspersoon daaruit mededelingen aan derden doen. De voorzitter van de Ondernemingskamer kan echter belanghebbenden voor wie het verslag ter inzage ligt, machtigen er mededelingen uit te doen. In § 11.4 bespreek ik deze machtigingsprocedure en de uitzonderingen daarop. In § 11.5 bespreek ik de situatie dat het onderzoek niet door inlevering van het verslag, maar door een beslissing van de Hoge Raad of de Ondernemingskamer eindigt.
Met het eindigen van het onderzoek zijn de onderzoekers nog niet helemaal klaar met hun werkzaamheden. In de eerste plaats bestaat de mogelijkheid dat de Ondernemingskamer hun opdraagt een aanvullend onderzoek te doen of ter zitting vragen over het verslag te beantwoorden. Verder zullen zij ook nog hun slotdeclaratie moeten indienen. In § 11.6 bespreek ik deze en andere nawerkzaamheden die zij nog moeten verrichten.