Zekerheid voor leverancierskrediet
Einde inhoudsopgave
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/5.3.1.5:5.3.1.5 Het voorbehouden pandrecht
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/5.3.1.5
5.3.1.5 Het voorbehouden pandrecht
Documentgegevens:
mr. K.W.C. Geurts, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
mr. K.W.C. Geurts
- JCDI
JCDI:ADS90759:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Van Mierlo 3-VI 2016/46; Schuijling 2016, nr. 142.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De leverancier kan het voorbehouden pandrecht in plaats van of in aanvulling op het eigendomsvoorbehoud bedingen. De reikwijdte van het eigendomsvoorbehoud kan een reden vormen voor dit pandrecht. In tegenstelling tot het eigendomsvoorbehoud kent de wet geen beperkingen voor het type vorderingen dat kan worden gesecureerd door een pandrecht. Art. 3:231 BW bepaalt dat het pandrecht zowel voor huidige als toekomstige vorderingen kan worden gevestigd. Het pandrecht kan dus strekken tot zekerheid van vorderingen die buiten art. 3:92 lid 2 BW vallen en kan (mede) strekken tot zekerheid voor de koopprijsvorderingen van toekomstige leveringen. Ook is het mogelijk dat een vordering van de leverancier op een derde wordt gesecureerd door een pandrecht dat wordt gevestigd door de koper. Slechts is vereist dat de vordering waarvoor het pandrecht wordt gevestigd, voldoende bepaalbaar is. Hierbij volstaat dat de vordering bepaalbaar is op het tijdstip van executie.1 Dit voorbehouden pandrecht kan stil worden gevestigd (bij voorbaat) door één onderhandse geregistreerde of een authentieke akte.