Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht
Einde inhoudsopgave
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/5.3.5:5.3.5 Conclusies
Rechtersregelingen in het burgerlijk (proces)recht (BPP nr. II) 2004/5.3.5
5.3.5 Conclusies
Documentgegevens:
K. Teuben, datum 02-12-2004
- Datum
02-12-2004
- Auteur
K. Teuben
- JCDI
JCDI:ADS574763:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf is besproken wanneer een rechtersregeling 'behoorlijk bekendgemaakt' is, zodat deze als recht in de zin van art. 79 RO zal kunnen gelden. Hoewel de Hoge Raad zich over de bekendmaking van rechtersregelingen tot nu toe slechts in twee gevallen heeft uitgelaten, kunnen aan zijn jurisprudentie omtrent de bekencinaking van beleidsregels wel enige algemene vereisten worden ontleend. Van een behoorlijke bekendmaking is steeds sprake, indien een rechtersregeling is gepubliceerd in de Staatscourant of een ander vanwege de overheid algemeen verkrijgbaar gesteld publicatieblad. Ook een bekendmaking op andere wijze kan gelden als behoorlijke bekendmaking, mits daarbij verzekerd is dat de regeling voor de betrokkenen kenbaar en toegankelijk is én deze bekendmaking geschiedt met goedvinden van de betrokken rechters of gerechten.
Hierbij zal als rninimum moeten worden aangenomen dat bekendmaking van een rechtersregeling op zodanige wijze moet plaatsvinden, dat verzekerd is dat de regeling voor alle betrokken partijen kenbaar en toegankelijk is. Wanneer aan deze minimumeis voldaan is, zal voornamelijk afhangen van de vraag tot wat voor type partijen een rechtersregeling zich richt. Bij rolreglementen is bekendmaking aan de betrokken procureurs en advocaten (bijvoorbeeld door rechtstreekse toezending) in het algemeen voldoende te achten. Bij andersoortige rechtersregelingen zal bekendmaking onder advocaten eveneens afdoende zijn wanneer de regeling betrekking heeft op onderwerpen waarbij procesvertegenwoordiging verplicht is. In de overige gevallen (met name: bij onderwerpen die behoren tot de competentie van de kantonrechter of de bestuursrechter) lijkt publicatie op ruimere schaal, bijvoorbeeld via de Staatscourant en/of de website van de rechterlijke macht (www.rechtspraak.nl) de aangewezen weg.
De eis dat bekendmaking van een rechtersregeling op initiatief van, althans met goedvinden van de betrokken rechters dient te geschieden, impliceert dat deze bekendmaking kan worden gezien als een rechtshandeling. Bekendmaking van een rechtersregeling kan als rechtsgevolg hebben dat (zelfbinding van de betrokken rechters aan de regeling ontstaat, alsmede dat deze moet worden aangemerkt als recht in de zin van art. 79 RO. Deze rechtsgevolgen zijn alleen aanvaardbaar te achten indien bij de betrokken rechters ook een daarop gerichte wil aanwezig is geweest. Dit betekent tevens dat een bekendmaking onder (ondubbelzinnig) voorbehoud, zonder dat dit leidt tot het ontstaan van zelfbinding en recht in de zin van art. 79 RO, mogelijk moet worden geacht. Een algemene verplichting tot bekendmaking van rechtersregelingen bestaat hierbij naar huidig recht overigens niet.
Het verdient tot slot opmerking dat het bij de huidige stand van zaken van de beoordeling van de omstandigheden van het geval zal (kunnen) afhangen of een rechtersregeling inderdaad aan de eis van behoorlijke bekendmaking voldoet. Dit is uiteraard niet bevorderlijk voor de rechtszekerheid. Voor de toekomst zou het daarom aanbeveling verdienen dat op enig moment in de wet geregeld wordt op welke wijze en via welke kanalen een rechtersregeling bekendgemaakt dient te worden. De huidige criteria, die per geval verschillend kunnen worden ingevuld, zouden daarmee kunnen vervallen. Dit biedt het voordeel dat direct (en vooraf) kan worden vastgesteld of een rechtersregeling voldoet aan de bekendmakingseis.