JAR 2017/46
Vraag of sprake is van opvolgend werkgeverschap na pre-pack moet worden beoordeeld aan de hand van het recht zoals dat voor 1 juli 2015 gold.
Rb. Overijssel 20-01-2017, ECLI:NL:RBOVE:2017:232
- Instantie
Rechtbank Overijssel
- Datum
20 januari 2017
- Magistraten
Mr. E.W. de Groot
- Zaaknummer
5412088 \ EJ VERZ 16-365 9 (hoofdzaak) en 5416492 EJ VERZ 16-373 (incident)
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Insolventierecht / Faillissement
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBOVE:2017:232, Uitspraak, Rechtbank Overijssel, 20‑01‑2017
- Wetingang
Essentie
Verzoekster was in dienst van Kindercentrum Columbus Junior B.V. Zij had drie jaarcontracten, waarna de arbeidsovereenkomst stilzwijgend is voortgezet. Op 27 oktober 2014 is de werkgever failliet verklaard. De curator heeft alle werknemers ontslagen. Er heeft een pre-pack plaatsgevonden en de onderneming is voortgezet door Columbus. Tussen partijen is in geschil of sprake is van opvolgend werkgeverschap in de zin van 7:668a lid 2 BW? In de tussenbeschikking (29 november 2016, ECLI:NL:RBOVE:2016:5284) heeft de kantonrechter overwogen dat niet art. 7:668a lid 2 BW maar art. 7:667 lid 4 BW op deze ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.