Zekerheid voor leverancierskrediet
Einde inhoudsopgave
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/9.5.2.2:9.5.2.2 Het indirecte conflict
Zekerheid voor leverancierskrediet (O&R nr. 117) 2019/9.5.2.2
9.5.2.2 Het indirecte conflict
Documentgegevens:
mr. K.W.C. Geurts, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
mr. K.W.C. Geurts
- JCDI
JCDI:ADS90797:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij een indirect conflict zijn de zekerheidsrechten op de eenheidszaak op verschillende wijzen verkregen, namelijk op grond van substitutie en door vestiging en voltooiing. Het volgende voorbeeld verduidelijkt dit.
Een leverancier levert zaken aan de koper en bedingt een purchase-money security interest. Deze zaken worden door de koper vermengd met aan hemzelf toebehorende onbezwaarde zaken. De leverancier verkrijgt na de vermenging een zekerheidsrecht op het geheel door substitutie. Vervolgens verkrijgt de koper krediet van een bank en vestigt en voltooit tot zekerheid van betaling een security interest op de eenheidszaak.
Voor deze situatie bepaalt §9-336 sub e UCC dat de normale prioriteitsregels van toepassing zijn. Dit betekent dat de leverancier een purchase-money security interest verkrijgt op de eenheidszaak dat op grond van §9-322 UCC en 9-324 UCC superprioriteit heeft ten opzichte van het voltooide zekerheidsrecht van de bank, ongeacht de respectieve momenten van voltooiing. Zijn aanspraak is wel beperkt tot de waarde van de geleverde zaak (purchase-money collateral).
Ook dit resultaat is vergelijkbaar met het Nederlandse recht, mits de voorrangspositie niet vervalt door vermenging met een hoofdzaak. Met uitzondering van dit geval, zet de voorrangspositie van de leverancier zich voort op een aandeel op grond van substitutie (art. 5:14 lid 2 BW) of op de hoofdzaak die dit bestanddeel omvat (art. 5:14 lid 1 BW). Een pandrecht dat de koper vestigt op de eenheidszaak ten gunste van een andere schuldeiser komt te rusten op het aandeel van de koper (onder opschortende voorwaarde). Het pandrecht komt niet te rusten op de eigendom onder ontbindende voorwaarde van de leverancier ten aanzien van (een aandeel in) de eenheidszaak. De leverancier behoudt zijn voorrangspositie.