De eenzijdige rechtshandeling
Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/2.5.9:2.5.9 Zekerheidstelling
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/2.5.9
2.5.9 Zekerheidstelling
Documentgegevens:
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS381615:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 16 juni 2000, NJ 2000/578; HR 8 juli 2005, NJ 2005/457; HR 22 december 2009, NJ 2010/273 (ABN AMRO/Van Dooren q.q. I, II en III); HR 10 december 1976, NJ 1977/617 (Eneca/BACM); HR 16 juni 1987, NJ 1987/528 (Steinz qq/AMRO); Hof ’s-Gravenhage 9 december 2004, JOR 2005/283.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
92. Afdeling 6.1.7 BW ziet op opschortingsrechten. Een schuldenaar die een opeisbare vordering heeft op zijn schuldeiser, mag zijn prestatie opschorten tot zijn vordering is voldaan, mits vordering en verbintenis voldoende samenhangen om opschorting te rechtvaardigen. Art. 6:55 BW bepaalt dat de opschortingsbevoegdheid vervalt indien voldoende zekerheid is gesteld voor de voldoening van de verbintenis van de wederpartij. Zekerheidstelling kan ook een ander rechtsgevolg hebben, zoals in art. 2:404 lid 4 BW op grond waarvan verzet van een schuldeiser tegen de beëindiging van overblijvende aansprakelijkheid uit een ingetrokken 403-verklaring gegrond wordt verklaard als geen zekerheid wordt gesteld.
Een kredietverschaffer kan zekerheidstelling eisen voor voortzetting of uitbreiding van de kredietfaciliteit. In jurisprudentie is zekerheidstelling aangemerkt als een rechtshandeling die vernietigbaar kan zijn op grond van de actio pauliana.1 De zekerheidstelling had in de bedoelde arresten de vorm van hypotheekverstrekking, cessie danwel inpandgeving. Zekerheidstelling wordt aangeduid als categorie van mogelijk paulianeuze rechtsfiguren. Zekerheidstelling blijft mijns inziens echter een algemene aanduiding. Dat volgt ook uit art. 6:51 BW, dat bepaalt dat als de wet tot zekerheidstelling verplicht of zekerheidstelling als voorwaarde voor enig rechtsgevolg stelt, de zekerheidstellende de keuze heeft uit een persoonlijk of een zakelijk zekerheidsrecht. Het overkoepelende begrip zekerheidstelling is mijns inziens dan ook geen op zichzelfstaande rechtshandeling.