NJB 2025/314
Toepassing artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht.
HR 24-01-2025, ECLI:NL:HR:2025:106
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 januari 2025
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Peters
- Zaaknummer
24/01332 bis
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1175, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑07‑2025
ECLI:NL:HR:2025:106, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑01‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 24‑01‑2025
- Wetingang
(ar.l 6:22 Awb)
Essentie
Toepassing artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht.
Uitspraak
Hoge Raad, onder meer:
‘Passeren schending
4.4.1.
De Hoge Raad stelt verder voorop dat de rechter onder omstandigheden met toepassing van artikel 6:22 Awb voorbij kan gaan aan een schending van artikel 40, lid 2, van de Wet WOZ.
4.4.2
Op grond van artikel 6:22 Awb kan de rechter beslissen de uitspraak op bezwaar, ondanks schending van een geschreven of ongeschreven rechtsregel of algemeen rechtsbeginsel, in stand te laten indien aannemelijk is dat de belanghebbende door deze schending niet is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.