NJB 2024/1560:Ter voorbereiding of bevordering van drugsdelicten ‘voorwerpen’ voorhanden hebben, art. 10a lid 1, aanhef en sub c, Opiumwet: onder ‘voorwerpen’ in de zin van deze bepaling kunnen ook onroerende zaken worden verstaan. In casu kon het hof oordelen dat het door de verdachte en zijn mededader gehuurde bedrijfspand/ opslagruimte bestemd was tot het plegen van feiten als bedoeld in art. 10 lid 4 Opiumwet.