FED 2025/65
Gegrondheid op ondergeschikte onderdelen beoordelen per procedurefase.
HR 14-02-2025, ECLI:NL:HR:2025:243, m.nt. mr. dr. R.M.P.G. Niessen-Cobben
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 februari 2025
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Punt, Fierstra
- Zaaknummer
23/01768
- Noot
mr. dr. R.M.P.G. Niessen-Cobben
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD15215:1
- Vakgebied(en)
Belastingheffing van motorrijtuigen / Belasting van personenauto's en motorrijwielen
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:243, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑02‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2025
- Wetingang
Art. 2 lid 2 eerste volzin Bbp
Essentie
Gegrondheid op ondergeschikte onderdelen beoordelen per procedurefase.
Samenvatting
Nadat belanghebbende een uit Duitsland ingevoerde auto in het kentekenregister heeft ingeschreven, voldoet hij de motorrijtuigenbelasting (bpm). De inspecteur is van mening dat te weinig bpm is betaald en legt een naheffingsaanslag op. Ter discussie staat de omvang van de belasting waarbij belanghebbende betoogt dat daarvoor de CO2-uitstoot bij eerste ingebruikneming relevant is. De inspecteur stelt dat de lagere CO2-uitstoot van een met de ingevoerde personenauto best vergelijkbare in Nederland geregistreerde, gebruikte personenauto relevant is. Over dit materiële geschilpunt heeft de Hoge Raad ten aanzien van een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.