Einde inhoudsopgave
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/1.4.3.2
1.4.3.2 Vereisten verklaringen accountant
mr. J.E. Brink-van der Meer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.E. Brink-van der Meer
- JCDI
JCDI:ADS302917:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Juridische beroepen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Voor oprichting: artikel 2:94a lid 2 BW en na oprichting: artikel 2:94b lid 2 BW.
Zie inzake inbreng in natura en Nachgründung: Huizink (2016), Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIa (2013), Van Schilfgaarde/Wezeman/Winter (2017).
HR 6 december 2002, NJ 2003, 63 (Goedèl/Arts), Rb Breda 30 juni 2004, JOR 2004/264 (NetMarketing).
Artikel 2: 72/183lid 1-b en lid 2-b BW. Zie inzake omzetting: Huizink (2016), Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIa (2013), Van Schilfgaarde/Wezeman/Winter (2017).
Artikel 2:328/334aa BW. Zie inzake fusie en splitsing: Huizink (2016), Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIa (2013), Van Schilfgaarde/Wezeman/Winter (2017).
Artikel 2:328 lid 1 tweede volzin en artikel 2:334aa lid 2 BW.
Artikel 2:328 lid 6, 2:334 aa lid 7 en artikel 2:334 cc lid 2 BW, opgenomen bij wet van 6 november 2008 tot uitvoering van richtlijn nr. 2007/63/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 13 november 2007 tot wijziging van Richtlijnen nr. 78/855/EEG en nr. 82/891/ EEG wat betreft de verplichte opstelling van een verslag van een onafhankelijke deskundige bij fusies of splitsingen van naamloze vennootschappen.
In geval van inbreng in natura1 respectievelijk Nachgründung2 moet de accountant over de beschrijving van hetgeen wordt ingebracht een verklaring afleggen, inhoudende dat de waarde van hetgeen wordt ingebracht bij toepassing van in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar beschouwde waarderingsmethoden ten minste gelijk is aan de stortingsplicht in geld uitgedrukt (indien sprake is van inbreng in natura) respectievelijk de waarde van de tegenprestatie (indien sprake is van Nachgründung).3 De accountant dient in verband met het afgegeven van een dergelijke verklaring onder andere zelfstandig en kritisch te onderzoeken of tegenover het geplaatste aandelenkapitaal reële vermogensbestanddelen staan.4
Is sprake van omzetting5 dan dient de accountant te verklaren dat het eigen vermogen van de vennootschap op een dag binnen vijf maanden voor de omzetting ten minste overeenkwam met het gestorte en opgevraagde deel van het kapitaal volgens de akte van omzetting.
Bij het afgeven van de accountantsverklaring in verband met een juridische fusie of splitsing6 dient de accountant een voorstel tot juridische fusie/splitsing te onderzoeken en moet hij verklaren of de voorgestelde ruilverhouding van de aandelen naar zijn oordeel redelijk is. Hij moet tevens een verklaring afgeven inzake het eigen vermogen na fusie/splitsing.7 De verplichting inzake de ruilverhouding geldt niet (meer) indien de aandeelhouders van de fuserende vennootschappen/van elke partij bij de splitsing daarmee instemmen.8