Grondslagen bestuurdersaansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Grondslagen bestuurdersaansprakelijkheid (IVOR nr. 73) 2010/9.5.0:9.5.0 Introductie
Grondslagen bestuurdersaansprakelijkheid (IVOR nr. 73) 2010/9.5.0
9.5.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. D.A.M.H.W. Strik, datum 20-07-2010
- Datum
20-07-2010
- Auteur
mr. D.A.M.H.W. Strik
- JCDI
JCDI:ADS439552:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OECD 2009a, p. 3, 17, 19, OECD 2009b, p. 40.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoe wordt de hoogte van de aansprakelijkheidsdrempel voor falend risicomanagement in Nederland bepaald? Breed aangenomen wordt dat in het algemeen risicobeheersing een kerntaak is van het bestuur.1 Uitgangspunt voor kerntaken van het bestuur is — net als geldt voor de algemene strategie en het financiële beleid — dat alle bestuurders daarvoor collectief verantwoordelijk zijn. Dat komt ook tot uitdrukking in de Nederlandse Corporate Governance Code 2008 krachtens welke alle bestuurders de zgn. "in control"-verklaring ter zake van risicobeheersing voor het financiële verslaggevingsproces moeten afgeven in het jaarverslag.
De aansprakelijkheid van bestuurders jegens de vennootschap wordt bepaald door art. 2:9 BW. Als er onbehoorlijk bestuur plaatsvindt op het gebied van een kerntaak, zijn alle bestuurders in principe hoofdelijk aansprakelijk ten opzichte van de vennootschap uit hoofde van art. 2:9 BW. Dit wordt besproken in par. 9.5.2 Een belemmering voor het instellen door de vennootschap van een dergelijke actie is de praktische omstandigheid dat zittende bestuurders die wordt verweten hun taak onbehoorlijk te hebben vervuld deze actie niet tegen zichzelf zullen instellen, terwijl het maar de vraag is of hun opvolgers wel die bereidheid zullen hebben. Een interessante vraag, die ik zal laten rusten, is in hoeverre het nalaten om een art. 2:9 BW actie in te stellen tegen (oud)medebestuurders op zichzelf onbehoorlijke taakvervulling oplevert. Aandeelhouders en crediteuren kunnen geen vordering instellen uit hoofde van art. 2:9 BW.
Afhankelijk van de omstandigheden kunnen individuele bestuurders zich disculperen van aansprakelijkheid uit hoofde van art. 2:9 BW. Dat zal in par. 9.7 worden behandeld.
Par. 9.5.3. handelt ten slotte over aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad.