Belastingblad 2026/177
Matiging van de proceskostenvergoeding is mogelijk als de toekenning van het volledige bedrag onredelijk zou zijn. Daartoe is niet beslissend of belanghebbende slechts op een punt van ondergeschikt belang in het gelijk wordt gesteld.
HR 20-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:460, m.nt. R.T. Wiegerink
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 maart 2026
- Magistraten
Mrs. J.A.R. van Eijsden, M.W.C. Feteris, M.T. Boerlage, A.E.H. van der Voort Maarschalk, W.A.P. van Roij
- Zaaknummer
24/04263
25/02185
25/02191
- Noot
R.T. Wiegerink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD100294:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:460, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑03‑2026
Beroepschrift, Hoge Raad, 20‑03‑2026
ECLI:NL:HR:2026:457, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑03‑2026
ECLI:NL:HR:2026:283, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑03‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:908, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:909, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:994, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:907, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2025
Essentie
Matiging van de proceskostenvergoeding is mogelijk als de toekenning van het volledige bedrag onredelijk zou zijn. Daartoe is niet beslissend of belanghebbende slechts op een punt van ondergeschikt belang in het gelijk wordt gesteld.
Uitspraak
Arrest
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
het DAGELIJKS BESTUUR VAN DE REGIONALE BELASTING GROEP
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 9 oktober 2024, nr. BK-23/3761., op het hoger beroep van belanghebbende en het incidentele hoger beroep van de heffingsambtenaar van de Regionale Belasting Groep tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.